JE KINDJE DRAGEN

JE KINDJE DRAGEN, HEEL LOGISCH

BIO-LOGISCH

Als mens zijn we van oorsprong jagers/verzamelaars. In die tijd kon je een baby niet op een “veilige” plek achter laten, dus nam je ze mee. Gedragen worden als baby was in die tijd noodzakelijk om te overleven. Het zit in zijn oerinstinct om bij zijn ouders te willen zijn en blijven.

Ook zijn we als mens afgeleid van de zoogdieren en met name van de dragende groep zoogdieren (apen, koala’s, vleermuizen enz.). Baby’s zijn van nature ingesteld op veel lichaams contact en zeer frequente voedingen. Wanneer een baby gedragen wordt, kan de moeder hier perfect op in spelen.

FYSIO-LOGISCH

Je baby wordt geboren met verschillende reflexen die je direct kunt linken aan de behoefte gedragen te worden. Zo wordt een baby geboren met het Moro-en Gijpreflex (het schrikreflex). Als een baby schrikt, zie je dat het zijn lijfje opent en spreidt en vervolgens een grijpreflex gebruikt. Het klampt zich als het ware aan je vast. Je kindje zoekt veiligheid en troost en vindt dat het beste tegen zijn mama of papa aan.

Als je de fysiologie van een baby bekijkt, zul je zien dat zijn lijfje het liefst in een hurk-spreid-houding verkeert. Wanneer je een baby’tje optilt, zal het automatisch deze houding aannemen. Op die manier kan het zich het beste aan de ouder vastklampen.

Het dragen van je kindje in de juiste positie kan je kindje helpen bij verschillende klachten zoals reflux en krampjes. Maar ook kindjes die speciale aandacht nodig hebben, zoals te vroeg geboren baby’s, kindjes met heupproblemen, syndroom van Down,  een verstoorde spierspanning of overmatige mentale spanning kunnen heel veel baat hebben bij het gedragen worden.

PSYCHO-LOGISCH

Hechting, de band tussen jou en je kindje.  Dit proces is bedoeld zodat de baby een interactie aangaat met één of meer verzorgers om daarmee een duurzame affectieve relatie te ontwikkelen. Dit hechtingsproces werkt zowel voor de baby als voor de ouder(s). Zonder een veilige hechtingsrelatie met een volwassene kan een kind zich niet goed ontwikkelen. Het hechting principe zorgt ervoor dat een mens duurzame affectieve relaties aan kan gaan, maar ook de hersenontwikkeling wordt hierdoor langdurig beïnvloed.

De mentale - sociale ontwikkeling,  communicatie en taalontwikkeling worden ook gestimuleerd.

Als je je kindje dichtbij je draagt, geef je het een gevoel van veiligheid en geborgenheid. Je kindje hoort je hartslag en je stem, ruikt je en herkent de wiegende beweging vanuit de tijd in de buik.

Als ouder leer je door deze nabijheid de signalen en behoeften van je kindje snel herkennen, waardoor je er beter op kunt reageren. Dit is natuurlijk erg goed voor jullie band. Je kindje zal hierdoor veel minder hoeven te huilen.

Een kindje in de draagdoek wordt aan minder prikkels blootgesteld en kan vanuit de meest vertrouwde plek de wereld om zich heen in eigen tempo ontdekken.  Het ervaart hoe de ouders reageren in bepaalde situaties en leert daarmee wat veilig is en wat niet. Je kindje is op ooghoogte met andere mensen, wat bijdraagt aan de sociale ontwikkeling.

LOGISCH

Het dragen in een draagdoek of draagsysteem kan het voor een ouder gemakkelijker maken om aan de basisbehoeften van de baby te voldoen:

  • Frequente voedingen
  • Korte slaapmomenten
  • Behoefte aan nabijheid en lichaamscontact
  • Natuurlijke houding (de “M” houding)
  • Behoefte aan constante beweging
  • Behoefte om warm te blijven. (Het lichaam van de moeder is ervoor ontworpen
  • om het lichaam van de baby continue op de juiste temperatuur te houden).

 

DE KRACHT VAN AANRAKING

Wist je dat aanraking niet alleen fijn is, maar een eerste levensbehoefte? Een gebrek aan aanraking wordt steeds vaker in verband gebracht met slechter groeien, vaker ziek zijn en stress. Wanneer er sprake is van huid-op-huid contact, maken jij en je baby oxytocine aan. Dit hormoon zorgt voor ontspanning, rust, gevoel van liefde, een betere doorbloeding, lagere hartslag en het stimuleert de borstvoeding. Door je kindje te dragen, voelen jullie je beiden relaxed en goed!